Luizenleven

‘Denkt iedereen aan het geld voor de Lief & Leed-pot, invaljuf Coby heeft haar enkel gekneusd.’ ‘We zoeken nog vrijwilligers voor de mozaïek-ochtend, een voorleesouder en twee tafeldekkers voor het lenteontbijt, wie o wie?’ ‘Niet vergeten: morgen een stoffen tas – geen plastic! – meenemen voor alle (ca. 178) voorjaarskunstwerken.’ En o ja: ‘Ter herinnering: snoep of koek is niet toegestaan in de klas. En het woord zegt het al: ontbijtkóék.’ Zomaar een greep uit de dampende bulk informatie die je krijgt opgediend zodra je kind de kleuterklas binnen huppelt. Een gigantische mijlpaal, geweldig ook – en soms knap ingewikkeld. Ging je hartenlapje voor zijn vierde jaar al regelmatig naar een dagopvang of peuterspeelzaal, dan heb je wellicht een kleine voorsprong: beide partijen zijn immers al bekend met het concept van niet-thuis zijn. Niet langer onder moeders vleugels, maar in handen van lieve juffies of die enkele compleet verafgode meester. Desalniettemin vond ik de overstap vorig jaar best groot. Krijg je na elke dag kinderopvang nog uitvoerig te horen wat je kind heeft meegemaakt, gegeten of ondergescheten, op de basisschool blijven die details achterwege. Het enige detail dat je krijgt toegestopt, zit verpakt in een smeulend boterhamzakje – met daarbij de strenge mededeling dat een vierjarige zindelijk zou moeten zijn. Verder heb je als beginnende basisschoolouder no clue: je brengt, je haalt (tenzij je kind naar een BSO gaat, dan hoor je helemaal niks) en omdat er al drie moeders rond de juf staan te klitten, ben je overgeleverd aan het ‘verslag’ van je kersverse kleuter. Bij ons thuis verloopt dat vaak als volgt. Ik, supernieuwsgierig en licht-ontroerd: ‘Hoe wás het vandaag? Was de juf lief? Heb je je fruit gegeten? Niet in je broek geplast? Met wie heb je gespeeld? Wat heb je gedaan?’ Vermoeide kleuter: ‘Weet ik niet meer.’ Daar mag je het mee doen, zeker de eerste intensieve maanden. Hou daar rekening mee, dan kan elke lettergreep extra info alleen maar meevallen.

KARIGE DOOS

Vanaf nu is je baby definitief geen baby meer, maar een schoolgaand kind. Ja, dat is totaal andere (ontbijt)koek, maar ik kon me er íéts bij voorstellen. Zo niet bij het circus eromheen, zoals alle dingen die je ’s ochtends in een tasje moet proppen (gymspullen, speelgoeddag, themaweek ‘wilde dieren’ of de schoolbakkerij), de ongemakkelijke praatjes op het schoolplein, openlijke koehandel en (geforceerde) speeldates (‘Kiara wil heel graag met Yannick spelen. Kan het bij jullie? Fijn, dan kom ik haar vanavond na het eten ophalen, doeidoei!’) en de confrontatie met jezelf, omdat je het ineens tóch belangrijk blijkt te vinden hoe mensen over jou en je kind denken… Het succes van De Luizenmoeder is al honderdduizend keer onder de loep genomen en daarbij rijst steeds weer de vraag: gaat het er écht zo aan toe op het schoolplein? Ja, je komt ze tegen. Wie? Nou, ouders die het anders aanpakken dan jijzelf. Want daar gaat het meestal om. Zo maakte Ruth in haar dochters tweede schoolweek kennis met het concept paasontbijt: ieder kind trekt een lootje en doet de ontbijtwensen van een klasgenoot in een vrolijk opgedirkte paasdoos. Schattig. Ruth verzamelde de gevraagde croissant, krentenbol, appelsap en het chocolade-ei, terwijl haar dochter druk de doos beglitterde en beplakte met fluffige kuikentjes. Op school verrast iedereen elkaar met de vreetdoos en ze leefden nog lang en gelukkig. Niet dus. Inmiddels weet Ruth: de paasdoos polariseert. ‘De ene doos was duidelijk de andere niet. Zo stak ons fröbelwerkje schril af bij andere professionele glow-in-the-dark-paasdozen vermomd als kraanwagen of unicorn. Daar was overduidelijk geen kleuterhand bij in de buurt gekomen.’ Beteuterd nam de klasgenoot de goedbedoelde doos van Ruth en haar dochter in ontvangst – zijn moeder keek op afstand afkeurend toe. Ruth: ‘Ook al hadden we niet de meest spectaculaire doos, we hadden ons tenminste wél aan het wensenlijstje gehouden. Zo zat er in de doos van mijn dochter slechts een taaie boterham en niet eens een eitje. Hoe lui ben je dán als ouder?’ Voor Ruth zette het paasincident wel de toon: hun kleuterklas bleek een apenrots, of beter: een kippenhok. Waar gekeken, gezwegen en geoordeeld wordt. Niet door de kuikens zelf, maar door de kippen in kwestie. Ruths mening was gevormd, over de moeder die een professioneel knutselbedrijf had ingeschakeld. En zijzelf werd nu gezien als ‘die moeder met de karige doos’.

TROPISCH TIEN-UURTJE

Waarom praat je alleen maar over moeders, hoor ik mezelf denken. Simpelweg omdat ‘wij’ nou eenmaal het leukere, interessantere en dus ook irritantere soort zijn. Beetje generaliserend weliswaar, maar niet volkomen uit de lucht gegrepen. Alle vooruitgang ten spijt, moeders heersen nou eenmaal op school. Heb je ooit al eens een luizenvader ontmoet? Ik ook niet. Uiteraard stiefelen er genoeg papa’s op het plein, maar in de regel zijn die anoniemer. Zo keert mijn vriend, Chef Brengdienst bij ons thuis, zelden terug met ‘een verhaal’. Hij brengt onze zoon, zegt de juf vriendelijk gedag en verlaat het strijdtoneel. Supersaai. Moeders daarentegen geven kleur aan het schoolpleinbestaan. In letterlijke zin door hippe sneakers, kleurige jassen, tassen of panterbroeken, maar ook figuurlijk door hun uiteenlopende karakters en opvattingen. Er zijn dan ook eindeloos veel soorten moeders te onderscheiden, de een is nou eenmaal de ander niet – net als bij paasdozen. Zo is er de totally devoted moeder, met variabelen als: nul schermtijd, louter educatief verantwoord speelgoed (georganiseerd opgeruimd in gelabelde bakken), haar kind – te herkennen aan twee dezelfde sokken – krijgt als tien-uurtje elke dag een ander stuk tropisch fruit mee, soms aangevuld met een havermoutpannenkoekje of een muesli-de-luxe-schotel. Dan heb je de moeder die alle ballen tegelijk probeert hoog te houden, qua baan, huishouden en meerdere kinderen, maar het allemaal net niet redt of begrijpt. Vaak te herkennen aan ongekamd haar, of een veeg mascara onder of boven het oog. Haar kind krijgt een banaan of een appel mee, en vist elke ochtend lukraak twee sokken uit een grote mand eenzame exemplaren. Met een grote hoe-danen- wanneer-dan-blik kijkt de jonglerende moeder naar haar soortgenoot die kalm staat te kletsen in haar sportpak, of die dame met altijd perfect gestileerde wenkbrauwen. Wat de fuck is hun geheim? Helemaal aan de andere kant van het spectrum staat de ‘carrièrevrouw’. Ze vliegt naar binnen, maakt geen contact en lijkt ongevoelig  voor enige sociale druk – iets wat de jonglerende moeder vervelend en bewonderenswaardig tegelijk vindt. Een klassenmoeder vindt vaak alleen dat eerste. Klassenmoeder Marije: ‘Laatst meldde ‘zij’ zich af voor de klassenapp. Toen ik vroeg waarom, zei ze geen behoefte te hebben aan tig sfeerfoto’s uit de klas. Eventuele nuttige informatie bereikte haar wel op een andere manier. Onuitstaanbaar, vind ik, want alle hulpvragen – voor assistentie tijdens schooluitjes of speciale dagen – gaan óók via de klassenapp. Je hiervoor afmelden en er dus klakkeloos vanuit gaan dat de rest het wel oplost, vind ik een dikke, stijlloze vinger naar andere ouders.’

APP JE EVEN? De klassenapp is sowieso voer voor veel ergernissen en plezier. Zo is er altijd wel een verongelijkte moeder – wederom: waar zijn de vaders? – die iets te fel reageert. ‘Ik wil ook weleens mee op schoolreisje!’ en ‘HAD IEMAND NIET EVEN KUNNEN ZEGGEN DAT HET VANDAAG STUDIEDAG IS?!!!!’ (Inclusief kapitalen en uitroeptekens.) Natuurlijk is het ieders eigen verantwoordelijkheid om nieuwsbrieven of prikbordmeldingen bij te houden, maar soit. Ook altijd leuk op een groepsapp met pakweg vijftig ouders: de open vraag. ‘James is jarig en wil graag raketjes trakteren, vindt iedereen dat oké?’ Joe, leg je telefoon maar weg, want er gaan nu vijftig ‘Ja hoor!’s [duimpje omhoog] binnenbliepen. Totdat de laatste er ‘Gefeliciteerd met James’ aan toevoegt en de voorgaande 49 niet kunnen achterblijven. Bliep bliep. Praktische tip voor beginners: omkeren die vraag. ‘James trakteert raketjes, als iemand daar problemen mee heeft, hoor ik het graag!’ Niemand natuurlijk. Klaar. Traktaties zijn sowieso een apart hoofdstuk. Toverde je vroeger een dropsleutel en -veter om in een speen aan een ketting, of verblijde je iedereen met een chemisch snoephorloge, tegenwoordig is het raadzaam om even op te snorren wat het schoolbeleid is op traktatievlak. Heb je gecheckt wat wel en niet mag, iets uitgekozen en zestien afwijkende varianten vervaardigd voor glutenvrije of lactose-intolerante klasgenoten, dan… kan het alsnog misgaan. Barbara: ‘Laatst kreeg ik een klassikale berisping omdat ik niet op tijd had aangekondigd wanneer en wat mijn zoon zou trakteren. Een moeder ging serieus uit haar stekker omdat haar kind na zo’n ‘spontane traktatie’ zijn fruit niet meer at, en zij dus voor niks ’s ochtends een appel had staan schillen. Pfff, get a life, denk ik dan.’

IEDER Z’N DING

O ja, ook altijd een mooi fenomeen op de groepsapp: de collectieve stilte. Valt er wat te halen, zoals het erebaantje als hulpkracht tijdens de Sinterklaas-intocht, dan zijn veel kippen er als de kippen bij. Is het verzoek wat bewerkelijker, dan wordt er in alle digitale toonaarden gezwegen. Aangezien ik allergisch ben voor ongemakkelijke stiltes en die móét doorbreken, stond ik afgelopen jaar mooi voor de uitdaging om een levensgrote raket te knutselen voor de opening van de ruimteweek. Lekker dan. Voordeel: sinds deze bovenaardse kartonprestatie ben ik ‘die moeder van de raket’, en dus de komende tijd off the hook. Ik heb mijn plicht volbracht. En mijn best gedaan. Want daar gaat het uiteindelijk allemaal om. Dat is wat je vooral zult ontdekken op het schoolplein: iedere ouder vult het ouderschap naar eigen inzicht en kunnen in. Dat dit niet per se jóúw manier is, kan zorgen voor onzekerheid – hé, zij doen het zo, doe ik het eigenlijk wel goed? – en bijbehorend geharrewar. Je ziet en hoort veel om je heen, en om je eigen aanpak in opvoeding en ouderschap te rechtvaardigen, is het aanlokkelijk om daar allemaal iets van te vinden. Hoewel ik mijn uiterste best doe niet te oordelen, moet ik mezelf heus weleens terugfluiten. ‘Nooit tv kijken? Dat is toch ook niet normaal?’ Deep down: hoe dan? En kijken mijn kinderen dan te veel tv? ‘Huh, gaat hij altijd/ nooit naar de BSO?’ Deep down: werk ik te weinig/te veel, oftewel: ben ik een slechte moeder? De meeste gedachten hebben ongetwijfeld te maken met mijn eigen onzekerheid of de worsteling om het allemaal zo goed mogelijk te willen doen.

Laatst sprak ik op school een moeder met een au pair in huis. Als zij thuiskomt van haar werk, is alles gewassen en gestreken, zijn de boodschappen gedaan en zitten de kinderen gevoederd en geschrobd in hun pyjamaatjes te wachten totdat mama ze knuffelt, voorleest en toedekt. Wauw, nooit vloekend vast in de file of vertraagde trein. Of nét op tijd om je overprikkelde kinderen van de BSO te plukken, je ondertussen afvragend hoe vaak je kale spaghetti met knakworsten uit blik kunt serveren voordat het schadelijk wordt? Wat een luxe, dat wil ik ook! Aan de andere kant… wat een valsspelerij, ik zou het niet willen. Want hoe stressvol het ouderschap ook kan zijn, ik vind dat geworstel er toch wel bij horen. Kiezen voor kinderen betekent offers brengen en ik ben er trots op dat mijn vriend en ik ons uiterste best doen zo veel mogelijk zelf te doen, ongeacht werk en (familie)verplichtingen. Maar ja, wat is je uiterste best? Als ik één ding op het schoolplein leer, is het dat elke ouder in zijn optiek zijn/haar uiterste best doet, dus wie ben ik om daarover te oordelen? Ik doe ook maar wat. En wie goed kijkt, vindt ook dát op het schoolplein: een begripvolle glimlach als je meegezeulde peuter volkomen uit zijn panty gaat, een blik van herkenning als je struikelend over je wallen de klas binnenvalt, of een snel aangereikt setje konijnenoren als jij bent vergeten dat het huisdierendag is. En hé, we staan er toch maar mooi elke dag, met z’n allen. Weliswaar voor een ander kind, maar wel vanuit hetzelfde gevoel: moederliefde. En ja, ook vaderliefde. Duh.

Meer
artikelen

Net5 Logo

“Ik leerde Kim kennen toen ik zendermanager was van TLC, waar zij regelmatig voice-overteksten schreef. Onze samenwerking was van begin af aan prettig. Ik wist dat ik Kim moest bellen toen ik het plan voor mijn kookboek Smakelijk Kamperen concreet wilde maken. Door haar eigen stijl is het boek een succes geworden. Ze laat duidelijk zien dat je smoel aan je content moet geven om positief op te vallen. Daarnaast werkt ze hard en legt ze humor in haar werk waardoor niet alleen haar teksten ijzersterk zijn, maar waardoor het ook nog eens erg prettig is om met haar te werken. Zonder lachen is het saai! Ze bruist van de ideeën en denkt altijd mee hoe iets nog beter, grappiger of aansprekender kan. Kortom: Kim is top!”

Petra Knoth
Zendermanager Net5

EnC

“Ik verheug me altijd om een tekst, verhaal of portrettenserie bij Kim uit te zetten. De mailwisselingen voorafgaand aan de opdracht zijn altijd bíjzonder leuk, wat veel energie oplevert in een uitpuilende mailbox, maar ook tijdens de opdracht weet Kim mij altijd te verbazen met de mooiste, leukste en beste teksten waar geen punt of komma in gewijzigd hoeft te worden. Kim is een woordkunstenaar en enthousiasteling waar je op kunt vertrouwen.”

Josselin Bijl
Freelance Illustrator, coördinator specials &C

Logo De Coproducent

“Als presentator ben ik regelmatig geïnterviewd, maar steeds als ik Kims stukjes teruglas moest ik grinniken. Daar waar velen mijn woorden (te) serieus namen wist zij mij precies neer te zetten zoals ik de dingen bedoelde. Ze filterde mijn kwinkslagen en ‘grapjes’ en ving perfect de sfeer van het gesprek. Dus als er een interviewaanvraag binnenkwam, vroeg ik ook altijd of Kim het kon doen. Inmiddels helpt ze ons bij De Coproducent met het schrijven van voorstellen en pitches. En haar toevoegingen of juist verwijderingen zijn altijd spot on. Kortom, iemand die ik heel hoog heb zitten als het om het geschreven woord gaat.”

Erik van der Hoff
De Coproducent

Frans Weisz

“Lieve Kim, zelden (lees: nooit eerder) heb ik met zo veel liefde en zo weinig schaamte de woorden, die ik al – dan niet – gezegd heb in een interview, teruggelezen. Zoveel bewondering voor je helderheid en je keuzes, die me werkelijk het gevoel geven, dat je me de woorden geeft, die ik gezegd zou WILLEN hebben! Nooit eerder heb ik dat zo gevoeld of ervaren.”

Frans Weisz
filmregisseur

Logo RTL

“Van mooie interviews en het schrijven van wervende teksten tot het maken van krachtige voice-over teksten, Kim draait haar hand er niet voor om. Ze bijt zich snel vast in de materie, voelt de tone of voice van RTL goed aan en weet de meest saaie tekst nog een eigen karakter te geven. Een fijn mens met een groot gevoel voor humor. Het is altijd een feestje om met je samen te werken, Kim!”

Sabine Scholten
Lead Corporate Communicatie
RTL Nederland

Logo RTL

“Er zijn te weinig letters in het alfabet om de creativiteit, humor, kunde, klantgerichtheid en eigenzinnigheid van Kim Hopmans te beschrijven. In de vele jaren dat Kim en ik samenwerken, heeft ze mijn verwachtingen altijd overtroffen. Ze is een woordkunstenaar die in staat is om alles wat ze schrijft een menselijke maat mee te geven. Of het nu kort en krachtig is, namens een bedrijf of voor een zakelijke doelgroep. Voor jou of voor mij, haar ‘pen’ geeft elke productie iets unieks en herkenbaars. Wat zij schrijft, raakt je. En last, but definitely not least, ze is een feest om mee te werken, omdat ze de gave heeft om echt te luisteren en haar aandacht altijd oprecht is.” 

Kim Koppenol
Director Communications
RTL Nederland